Begrippen

Begrippen


Als je een klein pensioen hebt opgebouwd, mag het pensioen worden afgekocht. Je ontvangt dan een eenmalig bedrag. Je ontvangt hierna geen pensioen meer van de pensioenuitvoerder. De pensioenaanspraak kan twee jaar na je uitdiensttreding worden afgekocht, deze moet dan wel lager zijn dan het wettelijk maximum.

De Anw (Algemene nabestaanden wet) is een uitkering van de overheid aan nabestaanden. Deze uitkering kan je partner na je overlijden bovenop onze uitkering(en) ontvangen. Je moet aan strenge voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor deze uitkering. Meer informatie vind je op www.svb.nl.

De Algemene Ouderdomswet (AOW) is een volksverzekering voor mensen die in Nederland hebben gewoond of gewerkt. Vanaf je 15e bouw je jaarlijks AOW op. Wanneer je je AOW-leeftijd hebt bereikt ontvang je de AOW-uitkering. Heb je in het buitenland gewerkt? Dan heb je minder AOW opgebouwd. De overheid houdt dan per gemist jaar 2% in op je AOW uitkering. Meer informatie vind je op www.svb.nl.

Arbeidsongeschiktheidspensioen is een aanvullende uitkering (via de werkgever) op de WIA-uitkering van de overheid. De aanvulling wordt berekend over het deel van het salaris dat boven de maximum WIA-inkomensgrens ligt.

Banksparen is een fiscaal vriendelijke manier om aanvullend pensioen op te bouwen. Je betaalt over deze spaarrekening geen belasting, maar je mag het kapitaal slechts voor specifieke doelen gebruiken, waaronder het aanvullen van je pensioen.

Het bijzonder partnerpensioen is een losgekoppeld deel van het partnerpensioen. Het bijzonder partnerpensioen is bedoeld voor je ex-partner.

Bij een CDC-regeling bouwt een deelnemer pensioenrechten op in een uitkeringsovereenkomst. De werkgever betaalt een vaste pensioenpremie. Als in enig jaar de beoogde opbouw niet betaald kan worden uit de ingelegde pensioenpremies, zou de opbouw moeten worden verminderd. De werkgever heeft geen verdere verplichtingen en hoeft bijvoorbeeld bij een tekort niet bij te storten. Het risico van eventuele tekorten ligt dus bij de deelnemer.

Bij conversie wordt de waarde van het verevende ouderdomspensioen én het bijzonder partnerpensioen (waar de ex-partner recht op heeft na de scheiding) omgezet in een zelfstandige aanspraak op ouderdomspensioen voor de ex-partner.

Deeltijdpensioen is een vorm van pensioen waarbij de deelnemer voor een deel met pensioen gaat en voor een deel blijft werken. Er wordt dan nog pensioen opgebouwd over het aantal uren dat wordt gewerkt.

De dekkingsgraad is de verhouding tussen het vermogen van het pensioenfonds en de waarde van de toekomstige pensioenverplichtingen (zonder toekomstige indexatie). De dekkingsgraad is de graadmeter voor de financiële gezondheid van het fonds.

DNB staat voor De Nederlandsche Bank. Deze instantie houdt toezicht op pensioenfondsen, banken en verzekeraars.

De eigen bijdrage is het deel van de pensioenpremie dat de medewerker zelf voor zijn of haar pensioen betaalt. Dit noemen we ook wel ‘deelnemersbijdrage’ of ‘werknemersbijdrage’.

De factor A is een aanduiding voor de pensioenaangroei in een bepaald kalenderjaar. Deze factor A heeft de deelnemer nodig om uit te rekenen hoeveel lijfrentepremie hij/zij maximaal van de inkomstenbelasting kan aftrekken. In het pensioenoverzicht van de deelnemer vermelden we de persoonlijke factor A of pensioenaangroei.

Indexatie is het verhogen van de pensioenaanspraken volgens een bepaalde index. Dat kan een vast percentage zijn, maar het percentage kan ook overeenkomen met het loonindexcijfer of prijsindexcijfer. Het doel van indexatie is het min of meer waardevast houden van pensioenaanspraken- en uitkeringen. We noemen de indexatie ook wel ‘toeslag’.

De lijfrente is een periodieke uitkering van de lijfrenteverzekering. De reeks uitkeringen wordt tijdelijk of levenslang aan de verzekerde betaald zolang deze in leven is. De uitkering is zogezegd dus verbonden aan ‘het lijf’ van de verzekerde.

Als je met pensioen bent, moet je nog steeds belasting betalen. Je pensioen is namelijk je inkomen. Je betaalt dus belasting over je pensioenuitkering. We houden deze belasting (loonheffing) automatisch in. Je hebt wel recht op een korting op de loonheffing. Dit is de loonheffingskorting. Houd er rekening mee dat je maar bij één instantie loonheffingskorting kunt krijgen. De loon heffingskorting wordt automatisch toegepast op de AOW.

De deelnemer bouwt pensioen op via een middelloonregeling. In deze pensioenregeling is je pensioen gebaseerd op je gemiddelde salaris tijdens je loopbaan. Ieder dienstjaar wordt van het overeengekomen percentage van het pensioengevend salaris (minus de franchise) het pensioen opgebouwd. Als je meer gaat verdienen, ga je vanaf dat moment ook meer pensioen opbouwen. Pensioenfonds Alliance probeert dit middelloonpensioen jaarlijks te verhogen met het percentage dat de CAO-lonen zijn gestegen. Voor pensioengerechtigden en oud-medewerkers geldt de prijsinflatie.

Een nabestaande is de echtgenoot of partner van een overleden deelnemer van de pensioenregeling. Kinderen worden in pensioenterminologie niet gezien als ‘nabestaanden’. Zij vallen onder de noemer ‘wezen’.

Het nabestaandenpensioen is een pensioen dat wordt uitgekeerd aan de partner en eventuele kinderen van een deelnemer wanneer die komt te overlijden.

Het opbouwpercentage is het percentage van het pensioengevend salaris (minus de franchise) dat elk jaar aan pensioen wordt opgebouwd. Bij Pensioenfonds Alliance is dit percentage in principe 1,875%. Let op: bij een CDC-regeling (zoals bij Pensioenfonds Alliance) kan het opbouwpercentage worden verlaagd. Dit is het geval als in enig jaar de beoogde opbouw niet betaald kan worden uit de ingelegde pensioenpremies.

Pensioenfonds Alliance verstaat onder een partner degene met wie de deelnemer is getrouwd of een geregistreerd partnerschap heeft. Ook als een deelnemer samen woont kan de partner recht hebben op het partnerpensioen. Je moet dan een notariële samenlevingsovereenkomst afgesloten hebben en aantoonbaar op hetzelfde adres wonen. Ook moet je je partner hebben aangemeld.

Dit is het pensioen wat na je overlijden aan je partner wordt uitgekeerd. Zolang je partner leeft zal hij/zij deze periodieke uitkering ontvangen.

Dit is je aanspraak op je pensioen. Het is het brutobedrag dat de deelnemer in de toekomst als periodieke pensioenuitkering tegemoet kan zien.

Dit is de ingangsdatum van het ouderdomspensioen.

Dit is de leeftijd waarop aanspraak kan worden gemaakt op het ouderdomspensioen.

Het pensioengevend salaris is het salaris waarover pensioen wordt opgebouwd. Dit is inclusief vakantiegeld, 13e maand en andere vaste onderdelen. Je bouwt pensioen op over het pensioengevend salaris minus de franchise. Vanaf januari 2017 is het maximale pensioengevende salaris waarover bij Pensioenfonds Alliance pensioen wordt opgebouwd € 103.317.

Pensioenuitvoerders zijn pensioenfondsen en verzekeraars die een pensioenregeling uitvoeren. In dit geval is Pensioenfonds Alliance de pensioenuitvoerder.

In de pensioenregeling van Pensioenfonds Alliance is premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid opgenomen. Dat houdt in dat bij gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid het pensioenfonds de premie geheel of gedeeltelijk voor zijn rekening neemt. De pensioenopbouw wordt dus (gedeeltelijk) voortgezet.

De rekenrente is het verwachte rendementspercentage dat het belegde pensioenvermogen van een pensioenfonds moet opbrengen om de verplichtingen na te kunnen komen. Een pensioenfonds gaat bij de berekening van de premies en reserveringen uit van dit percentage. De rekenrente / systematiek wordt voorgeschreven door DNB.

Het te bereiken pensioen is de pensioenaanspraak die behaald kan worden als tot de pensioengerechtigde leeftijd aan de pensioenregeling van Pensioenfonds Alliance wordt deelgenomen.

Geeft het karakter aan van de pensioenovereenkomst. De pensioenregeling van Pensioenfonds Alliance is een uitkeringsovereenkomst. Dat betekent dat er (voorwaardelijke) afspraken zijn over de hoogte van de uitkering.

Uitruil is de mogelijkheid om een deel van het partnerpensioen of het hele partnerpensioen dat je hebt opgebouwd om te zetten in extra ouderdomspensioen. Of andersom. Heb je een partner, dan moet hij of zij hiermee instemmen.

Elke pensioenuitvoerder is verplicht het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) te verstrekken aan haar deelnemers. Je vindt hierop een overzicht van je pensioenaanspraken. Het UPO ziet er inhoudelijk bij alle pensioenuitvoerders in grote lijnen hetzelfde uit.

Na een scheiding wordt het pensioen volgens de wet verdeeld of verevend. Bij verevening krijgt de ex-partner recht op het ouderdomspensioen dat is opgebouwd tijdens de duur van de relatie. Na overlijden van de deelnemer krijgt de ex-partner een bijzonder partnerpensioen: dat is het gedeelte van het partnerpensioen dat is opgebouwd vanaf deelname aan de regeling tot aan het beëindigen van de relatie.

Als je een nieuwe baan krijgt, kun je je opgebouwde pensioen meenemen naar het nieuwe pensioenfonds. Dit heet waardeoverdracht. De overdrachtswaarde wordt door de nieuwe werkgever omgezet in extra pensioengevende opbouwjaren of rechtstreeks in pensioen. Er kan enkel waardeoverdracht plaatsvinden wanneer beide pensioenfondsen gezond zijn.

Als de stijging van de pensioenaanspraak gelijk opgaat met het inflatiepercentage dan is het pensioen waardevast. De koopkracht van het pensioen blijft op die manier immers gelijk.